donderdag 31 januari 2013

"Prinses Aster", ex-Donald-Duckstrip, nu digitaal te koop


 Sinds afgelopen zaterdag 11 februari 2012 is een digitale versie van het stripverhaal "Prinses Aster, de Voorspellingen van Madam Zora" te koop in Apples iBooks Winkel. Deze kinderstrip is geschreven en getekend door Wilma van den Bosch.
"De Voorspellingen van Madam Zora" is een vervolg op het verhaal "Prinses Aster, de Sterrenvanger", dat een paar weken geleden al digitaal is verschenen.
De Prinses Aster-verhalen zijn eerder gepubliceerd in het weekblad Donald Duck en nu geschikt gemaakt om – via het programma iBooks – te lezen op een iPad.
Het zijn sprookjesachtige, op kinderen gerichte verhalen over de bewoners van de verre, gexefsoleerde planeet Eureka, die ontdekken dat er méér in het heelal bestaat dan wat zij al kennen uit hun eigen koninkrijk.
De verhalen zijn met liefde en zorg gemaakt door Wilma van den Bosch.
Wilma is een van de weinige vrouwelijke Nederlandse tekenaars die met strips tekenen haar brood verdient.
Ze is al jaren bekend als Nederlandse Disney-tekenaar voor het weekblad Donald Duck en werkt daarnaast aan eigen strips en verhalen.
Naast de Prinses Aster verhalen hoopt Uitgeverij Welland binnenkort méér van Wilma's werk te kunnen uitgeven.
"Prinses Aster, de Voorspellingen van Madam Zora" is te vinden via deze link:
Het eerste deel – "Prinses Aster, de Sterrenvanger" – is te vinden via deze link:

woensdag 30 januari 2013

Swan Features Syndicate


In de stortvloed van informatie over Marten Toonder en omgeving die ons in dit Toonderjaar bereikt duiken af en toe namen op waar je (ik in ieder geval) toch nog iets meer zou willen weten. Ton de Zwaan is zo iemand. Na zijn afscheid van Marten Toonder (1954) begon hij een eigen syndicate (distributie bureau voor strips). De Zwaan leeft niet meer en informatie is jammer genoeg bijna niet te vinden.
Ik ben op zoek gegaan en vond in een Leidsch Dagblad uit 1966 een interview met de Zwaan.
Niet helemaal bevredigend qua scan maar toch een uniek stuk info uit de Nederlandse stripgeschiedenis.

Natuurlijk beter te lezen na een klik.


Oorspronkelijk geplaatst op 21 november 2012

Woensdag gehaktdag

In navolging van Ger Apeldoorn die op zijn Engelstalige blog The Fabuleous Fifties de woensdagen wijdt aan reclamestrips (Wednesday Advertising Day) zal ik proberen met enige regelmaat doorzagen over hetzelfde onderwerp.
De titel van deze blogs ‘Woensdag gehaktdag’ is ooit bedacht als reclameslogan om de verkoop van vlees te bevorderen (In 1949 werd aan Nederlandse slagers gevraagd een pakkende slagzin in te sturen. De winnaar van de wedstrijd, lid van de Christelijke Slagersvereniging, kreeg als beloning 25 gulden). Onder dankzegging dus.


En omdat ik vandaag herdenk dat ik gisteren 11 weken geleden mijn laatste sigaret uitmaakte begin ik met een strip over het sigaretten wezen. Geleend van Ger zijn site.
De maker is Bob Bugg. De opdrachtgever is Reynolds die verschillende advertentie campagnes in stripvorm de wereld in stuurde. We schrijven 1957.
Mooi gemaakt door Bob Bugg.

Een Flintstone commercial:  http://www.youtube.com/watch?v=oc1TBBp4dC8


.

dinsdag 29 januari 2013

Animal crackers


Wat ik zojuist tegenkwam in een Dagblad uit 1963 sluit qua uitstraling meer aan bij André van Duin's programma Animal crackers dan bij dat wat je van een advertentie voor een dierenpark zou verwachten.
 
Merkwaardig toch?  

maandag 28 januari 2013

Iers geschenk voor Marten Toonder


Een schaterende Marten Toonder. Geen beeld dat op mijn netvlies geplakt zat als zijnde veel voorkomend  maar een niet bij name genoemde fotograaf heeft het op 3 mei 1983 op de gevoelige plaats vast gelegd. Viel er in dat jaar toch nog wat te lachen, Als u begrijpt wat ik bedoel. 

De geschiedenis van Opie het Eskimojongetje

 De speurtocht naar de geschiedenis achter de strip Opie het Eskimojongetje begon op 13 februari 2004.
Op mijn blog schreef ik het volgende:


De strip Opie de Eskimo verscheen van 25 mei 1963 tot eind 1965 dagelijks in Het Vrije Volk. Opie werd gemaakt door Hank P. Meyer en de distributie werd verzorgd door Opera Mundi. 
Ieder verhaal bestond uit ongeveer 18 afleveringen en dat is nou precies wat me boeit aan Opie. 
In 18 afleveringen een afgerond verhaal vertellen is bijzonder. Gewoonlijk bestaan (ondertekst) krantenstrips uit 40 t/m 100+ afleveringen. OK, de eerste 12 Tom Poes verhalen telden ieder 28 afleveringen maar al snel kon Marten Toonder overschakelen naar verhalen met meer afleveringen. Kun je in 18 afleveringen een goed verhaal vertellen? Kun je de karakters voldoende uitdiepen? Ik krijg zin om het zelf eens uit te proberen. 
Ik ga ook op zoek naar knipsels van Opie.


In 2007 herhaalde ik het bovenstaande. Was nog niet veel wijzer geworden over Opie. 
Naar aanleiding van deze plaatsing ontving ik berichten (blogs waren toen nog tamelijk interactief) dat de strip voor het eerst in de jaren 40 van vorige eeuw heeft gelopen en de publicatie tussen 1963 en 1965 herplaatsing betrof. 

 Een jaar later ontving ik een mail uit Dubai. Het bleek afkomstig van de dochter van het echtpaar Meijer en bevatte de gezochte informatie. 


Opie het Eskimojongetje werd geschreven door schrijfster Cornelia Meijer en getekend door haar echtgenoot Hank P Meijer.  


De strip  heeft, behalve in het Vrije Volk, nog een veel langere tijd in de Belgische krant La libre Belgique gestaan en is als ik me niet vergis ook verkocht aan Canada.  
Het was inderdaad hard werken voor allebei om iedere drie weken een strip klaar te maken, met een mooi compleet verhaal.

Hank P Meijer heeft ook veel politieke prenten gemaakt voor diverse kranten.  Jaren lang heeft hij ook  de tekeningen gemaakt voor de boeken van “Noddy”.  


Verder heeft hij veel boeken geillustreerd, zowel kinderboeken (bijvoorbeeld voor Enid Blyton de Engelse schrijfster), als romans en studieboeken. Ook  maakte hij later veel technische tekeningen voor het Ministerie van Defensie.

Meijer, die in 2003 is overleden, werkte ook onder het pseudoniem "AMBO".


Met dank aan Will Ross, Ruud Straatman, Bas Schuddeboom en Ike Makansi-Meijer.

Toevoeging: 30-01-2013

In 2004 vroeg ik me af hoe dat er uit zou zien; Tekstverhalen van 18 stroken.
Hieronder volgt het eerste Opie verhaal (natuurlijk te vergroten door te klikken):


















zaterdag 26 januari 2013

Op den dool met Dick Bruynesteyn

    Het is meer dan 24 jaar 35 jaar geleden, ik was 17 jaar en vond het hoog tijd dat de wereld kennis moest maken met mijn tekenwerk. Ik regelde dan ook een afspraak met de toenmalige hoofdredacteur van het Leidsch Dagblad om te overleggen wanneer mijn strip zou worden geplaatst. Met de jeugdige overmoed, die mij inmiddels helaas verlaten heeft, betrad ik de trappen van het imposante krantengebouw aan de Witte Singel in Leiden. Met de hoofdredacteur was ik er snel uit. Binnen een maand zouden ze beginnen met publicatie. Als 'striptekenaar' verliet ik dus het kantoor van de goede man. Dit zijn zaken die jelui waarschijnlijk niet kunnen boeien. Maar je moet ergens beginnen en het is de nodige inleiding. Het verhaal begint hier beneden pas echt haar anekdotisch karakter te krijgen: Terwijl ik door de gangen liep kwam ik al direct een collega tegen. Dick Bruynesteyn welbepaalt.


Natuurlijk liep ik op hem af, stelde mij voor en we bekeken en becommentarieerde elkaars werk. Een bijzonder aardige man! Na een half uur al keuvelend met elkaar opgelopen te zijn bevonden wij ons ergens. Dat stond vast! Maar waar? Overal deuren maar geen een die naar een uitgang leek te wijzen. Daar stonden wij; Verdwaald in het vreemde Leidsch Dagblad gebouw dat veel weg had van een doolhof.
Goede raad was duur. Na nog wat tevergeefs aan dichte deuren gemorreld te hebben en nergens een bordje 'Uit' te ontdekken kwam  Bruynesteyn tot de conclusie dat de zaak er bijna hopeloos uitzag. Maar gelukkig wist hij een oplossing! Indien we beiden een tegenovergestelde kant op zouden lopen zou de kans groot zijn dat in ieder geval een van ons beiden de uitgang zou bereiken. Hij voegde er aan toe dat de klap voor de krantenlezer op deze wijze niet zo groot zou zijn dan als we beiden het zonlicht niet meer zouden terugvinden. Hij gaf me een hand en wenste me veel succes. Vijf minuten later stond ik buiten; bleef aan de overkant van de straat nog even staan om te zien of mijn voormalige lotgenoot toevalligerwijs ook de uitgang zou vinden. Maar lang heb ik daar niet gestaan. Ik moest het thuisfront ten slotte ook nog het goede nieuws te vertellen. Het was een opluchting dat Dick Bruynesteyn de hier opvolgende zondag in het programma Sport in Beeld (of hoe heette dat destijds?) weer zijn opwachting maakte om er zijn karikaturen op papier te zetten! Hij was, geloof ik, iets magerder geworden maar verder leek hij me in orde.

Oorspronkelijk geplaatst op 12 januari 2004

woensdag 23 januari 2013

IM Jules Coenen 12/2/1959 - 23/1/2004



In 2004 werd Nederlandse stripmakers overrompeld door het bericht dat Jules Coenen plotseling was overleden. Coenen starte zijn cariere bij de Nedelandse Disney productie in 1977. In 1980 verhuizde Coenen naar Amerika om in het klielzog van Daan Jippes te gaan werken aan Disney producties. Coenen had zich inmiddels helemaal toegelegd op het inkten en werkte o.a. aan de Donald Duck daily (dagelijkse Donald Duck krantenstrip 1986/1987). In 2004 was Jules teruggekomen naar Nederland om weer voor de Nederlandse Donald Duck te gaan werken.
Vlak na de vliegreis werd een Trombose hem fataal.


Bovenstaande strip (schets daan jippes) is door Jules geinkt.
© Disney

zondag 20 januari 2013

I.M. Pieter Kuhn

Op 20 januari 1966 overleed Pieter Kuhn de maker van Kapitein Rob.

zondag 13 januari 2013

Harry Balm 13/1/1940

Op zijn 15e jaar ging Harry Balm onder leiding van Frans Piet werken bij de Haarlemse uitgeverij Spaarnestad. Daar maakte hij illustratie's voor de bladen die er werden uitgegeven. In het stripblad Sjors van de Rebellenclub uit de beginjaren zestig staat bijna in ieder nummer wel een of meer illustratie's van Balm. Vanaf 1965 maakte Balm ook strips. Voor het weekblad Sjors tekende hij een reeks korte biografische stripverhalen over historische figuren als Caesar, El Cid, Marco Polo, Lincoln, Beethoven, Stendhal en Richard Leeuwenhart. Deze verhalen werden in drie albums uitgegeven in de zwart-wit Oberon reeks. Balm was sinds 1969 (tot zijn pensioen) vormgever van het weekblad Donald Duck en andere Disney uitgaven. Maar Balm beperkte zich niet tot het vormgeven alleen. Hij schilderde ook verschillende schitterende illustraties bij tekstverhalen zoals deze voor De Ridders van de Tafelronde (1974)




.
Daarnaast schilderde Balm vanaf 1975 speciale Duck serie's als Galerij der groten, Klassiekers uit de Duckstadse Bibliotheek en samen met andere Disney tekenaars: Terug in de tijd met Mickey. De schilderijen gemaakt voor De galerij der Groten waren vorig jaar te bezichtigen in het Cobra Museum en konden zich verheugen op grote belangstelling van de bezoekers. Balm werkte in de jaren zeventig mee aan het stripblad de Vrije Balloen. In 1998 verscheen Balm's verstripping van Barnaby Rudge (Charles Dickens) bij uitgeverij Boumaar. tekenwerk: xc2xa9 Harry Balm Afgelopen jaar werd de "Bulletje en Boonestaak prijs" uitgereikt aan Harry Balm (een prijs voor striptekenaars die aan de wieg hebben gestaan van het Nederlandse beeldverhaal) . Helaas heeft Balm de bij de prijs behorende schaal tot op heden nog niet mogen ontvangen. Als de geruchten juist zijn werkt Balm momenteel aan de plannen voor een nieuw stripverhaal.